Er werd gewerkt aan de kerk. Heel goed natuurlijk. Probleem was alleen dat er ook aan de klok werd gewerkt en dat was op een andere locatie. Talloze malen ben ik langs de kerk gefietst en gereden, kijkend naar de klok die er niet was. Soms gewoon om te kijken hoe laat het eigenlijk was – was het een mooie tijd om na de gedane boodschappen koffie te drinken? Ja, natuurlijk. Dat is het altijd. Soms om te kijken of ik nog een beetje op tijd op school was om de kinderen te brengen of te halen. Dat haalt ook weinig uit, ik heb immers nog geen vijf minuten geleden daarvoor thuis ook al op de klok gekeken. Maar toch: ik miste hem. Ik was dus erg verheugd toen de klok er weer hing. Mariënheem was en is weer bij de tijd.

Alle dagen heb ik vogelvisite. Allerlei pluimage, merels, lekker appeltjes eten. Ik heb een heel laag mini zwembadje erbij gezet. Het water wordt steeds ververst. Met al die warme dagen dat moet wel. Natuurlijk, veel mussen, soms nog een koolmees, een enkele keer een zanglijster en een spreeuw en af en toe duiven. De laatste zijn grote vreters.

Hein kent intussen het programma van de midzomerfeesten wel uit zijn hoofd. Voor de barbecue heeft hij zich (zonder medeweten van Toos) al opgegeven en om Toos over te halen om mee te gaan zal vast wel lukken, nee hij maakt zich veel meer zorgen om de schutterskoning. Vorig jaar had hij ook al mee willen doen maar toen was het er niet van gekomen. Toos had het hem sterk afgeraden. "Hein je staat voor schut", zei ze, "je denkt dat je nog net zo kunt schieten als vroeger toen je 'onder dienst lag' maar vergeet dat nou maar want dat is echt niet zo." Hein heeft het er toen maar bij gelaten.

Tsja, de titel van het verhaal doet me een beetje denken aan een streekroman: ‘Mijn kinderen eten turf.’ Dat doen die van mij niet. Zwemmen, dat doen ze. Duiken, plonsen, de een nog op zwemles, de ander recreatief en de derde semi-professioneel, op de Reddingsbrigade. Bij het afzwemmen voor het A-diploma werd ik zelf al een beetje moe van het kijken. Bij het B-diploma sta ik versteld hoe mijn kroost toch al wel niet kan zwemmen. Bij het afzwemmen voor het diploma C zat ik bijna de hele tijd met mijn mond open hangend. Tenminste, zo voelde ik me wel. Tjonge jonge, wat moeten ze daar véél voor zwemmen. En op veel verschillende manieren. En met veel kleren aan. En ook veel onder water.